Eerste biologische bronsanering in NederlandOp de locatie van een voormalige chemische wasserij in het oude centrum van Appingedam bevindt zich een VOCl verontreiniging. Er is een omvangrijke bronzone (45 m2 tot 8 m-mv) aanwezig waarin zich circa 600 kg VOCl bevindt. Vanuit deze bronzone heeft de verontreiniging zich tot op 70 meter van de locatie verspreid. Ontgraven van de bronzone was vanwege de nabijgelegen oude kwetsbare panden geen optie. Daarom is in 1998 gekozen voor een IBC variant waarbij de bronzone niet zou worden verwijderd. Hierdoor was eeuwige nazorg noodzakelijk.
In het saneringsplan is ruimte gelaten voor het optimaliseren van de saneringsaanpak. Bioclear heeft in 1999 zowel het natuurlijke afbraakpotentieel als de mogelijkheid tot het stimuleren hiervan onderzocht. Natuurlijke afbraak bleek een geschikte saneringsaanpak voor de pluim, hierbij worden geen actieve maatregelen getroffen. In de bronzone bleek de afbraak gelimiteerd door een tekort aan koolstofbron, door het toedienen van een mengsel van natriumlactaat en melasse kon de afbraak met een factor 25 worden versneld. Samen met DHV is hiervoor een uitvoeringsplan opgesteld. Het betreft de eerste biologische bronsanering in Nederland.
In 2001 is door middel van directe injecties koolstofbron aan de bronzone toegediend. Bioclear heeft de werkzaamheden milieukundige begeleid. In 2005 heeft herinjectie van koolstofbron plaatsgevonden. De afbraak verloopt voorspoedig. De omvang van de pluim is door natuurlijke afbraak zeer sterk afgenomen. Op dit moment is alleen in de bronzone nog verontreiniging aanwezig. Op basis van het saneringsverloop is berekend dat voor het verwijderen van de vracht in de bronzone nog ongeveer 19 jaar nodig is. Door het stimuleren van de afbraak in de bronzone is niet alleen de nalevering van VOCl vanuit de bronzone naar de pluim weggenomen maar is ook de eeuwigdurende nazorg teruggebracht tot een eindige situatie (stabiele eindsituatie).
Terug naar overzicht
|