Aanpak restverontreinigingen middels NA
Tussen de NAM locaties Grijspkerk en Anjum ligt in het landelijk gebied een circa 20 km lange leiding die tussen 1996 en 2003 gebruikt is voor het transporteren van watercondensaat, een bijproduct dat vrijkomt bij de winning van aardgas. In 2003 is geconstateerd dat diverse schroefverbindingen van de leiding hebben ‘gezweet’ en dat hierdoor kleine verontreinigingen zijn ontstaan met benzeen. Daarnaast zijn een aantal ‘grotere’ verontreinigingen aangetoond. De leiding is inmiddels buiten gebruik en de grotere verontreinigingen zijn door ontgraving gesaneerd.
Voor het verwijderen van de restverontreiniging wordt gebruik gemaakt van natuurlijke afbraak. Verwacht wordt dat na circa 10 jaar de saneringsdoelstelling (streefwaarde) is bereikt. Het enige alternatief voor deze aanpak was, vanwege de lengte van het traject en de slecht doorlatende bodem, grootschalige ontgraving met veel overlast voor de landeigenaren.
Inmiddels hebben er twee monitoringsronden plaatsgevonden. De concentraties benzeen in het tracé zijn sterk gedaald. In onderstaande figuur is het verloop in concentraties (mediaan) weergegeven in relatie tot de prognose. De afbraak van benzeen verloopt volgens het best case scenario. Dat wil zeggen de bovengrens van de geprognosticeerde anaerobe afbraaksnelheid.

Verloop benzeenconcentratie in relatie tot de prognose
Terug naar overzicht